Steun ons en help Nederland vooruit

donderdag 29 oktober 2020

Op naar een circulaire stad

Grondstoffen zijn niet oneindig, afval is niet oneindig verwerkbaar en verbranden willen we zoveel mogelijk mee stoppen. Jelmer Schreuder: “Wij willen de omslag maken naar een circulaire samenleving, dat is een absolute noodzaak om niet meerdere planeten nodig te gaan hebben. Daar zijn we echter nog lang niet. ‘Parijs’ is nog ver, dus we moeten snel op weg.” Vandaag sprak de commissie Stad en Ruimte van de gemeenteraad over de stappen naar een circulaire stad. 

Circulair bouwen, denken en opleiden 

De komende drie jaar gaat de gemeente onderzoeken hoe meer circulair gewerkt kan worden in de stad. Jelmer Schreuder: “van bewoners tot startups, traditionele organisaties en bedrijven: de wil tot deze transformatie is er bij velen. Het is dus nu aan de gemeente om dit mogelijk te maken.” We zien bijvoorbeeld de ruimte in Lage Weide en Strijkviertel voor circulaire bedrijven en de prachtige kans om in Overvecht daarvoor op te leiden. 

D66 ziet ook veel in de potentie van meer bouwen met hout. Goed voor CO2 opslag en gebruik maken van hernieuwbare grondstoffen. Voor de langere termijn moet de norm worden dat bij alles wat we doen, het uit elkaar halen en scheiden van de bouwmaterialen de normaalste zaak van de wereld wordt. Dat is een verandering in denken en doen waar nu zo snel mogelijk aan gewerkt moet worden. Er zijn al fantastische voorbeelden in de stad die de mogelijkheden van circulair bouwen zichtbaar maakt, zoals het Hof van Cartesius. 

Afval als grondstof 

Een andere stap naar circulariteit is werken aan zo min mogelijk restafval. Nu er nieuwere machines zijn die afval beter scheiden, kunnen we het inzamelen makkelijker maken en veel meer plastic en blik scheiden van het restafval. De gemeente blijft GFT, papier, glas en textiel apart inzamelen van het restafval. Door de betere scheidingsmachines kan plastic en blik straks weer bij het huisafvalJelmer Schreuder: “hoe beter we afval scheiden, hoe goedkoper verwerking voor stad wordtBeter afval scheiden merken we als inwoners dus in de portemonnee.”